Cordoba and more
Even geen beelden of verhalen uit Andalusië. Soms laten landen je simpelweg niet los (al lag de ooraak in een ander land, maar over die horror morgen meer) en blijven ze nog wat nadreunen. Córdoba deed dat. We waren er een paar dagen en daar was eigenlijk niets mis mee. Integendeel. Het is een geweldige stad, een plek waar straatjes en pleinen tot kunstvorm zijn verheven. Zo’n stad waarvan je al na een uur denkt: hier zou ik best kunnen wonen. De Mezquita, moskee én kathedraal, is ronduit indrukwekkend, al had hij van mij best moskee mogen blijven. Dat had historisch gezien iets eerlijker gevoeld. De druilerige tuinen van Alcazar de los Reyes Cristianos waren precies dat, nat, maar wat Córdoba extra glans geeft zijn de patio’s. Die verborgen binnenplaatsen, zorgvuldig onderhouden, vol planten, tegeltjes en stilte, geven de stad iets intiems. En dan is er nog flamenco. Onontkoombaar. Andalusië verlaten zonder een optreden te hebben gezien is een doodzonde. De keuze is groot, de kwaliteit vaak hoog en je wordt er, tegen wil en dank, blij van. Morgen bezoeken we hoogstwaarschijnlijk de Tate in Londen maar dat hoort bij die horror, groeten uit Barcelona.