Fading Chinatown
Another day of ordinary things. Bangkok is full of them. Old things, modern things, strange things and sometimes things that are just very, very cool.And yes, they have dentists too. Fast, no appointment needed, and for thirty euros they’ll make your teeth presentable again. I ended up at Dr. Dentreat. A perfectly good dentist. Whether it was a man or a woman, I’m still not entirely sure, the constant spraying made visibility somewhat limited. ‘They’ didn’t speak any English, so asking questions was pointless. The assistant did, but I could barely understand her. I probably missed a whole series of excellent recommendations and am now unknowingly ignoring something essential. Time will tell. Before that, I took a walk through Talat Noi, a neighborhood where parts of the old Chinatown are still standing. Not so much thanks to preservation, but to the younger generation, who see opportunity in decay and start bars, coffee spots, and creative hangouts. The result: great places to eat, drink, chill and mostly to sit on your phone. Taking photos with a camera like mine was hardly allowed anywhere. Luckily, I still carry one of those old-fashioned two-kilo cameras. People don’t always quite understand what it is, which gives just enough leeway to get away with it. Everywhere you look: graffiti and murals. Sometimes funny, sometimes raw, often genuinely good. I shot a series here a few years ago, and the level has only improved. Real art, tucked away between rust, clutter, and renovation. One thing stands out: images of the old king are still everywhere. The new one clearly doesn’t resonate in quite the same way. To put it mildly, he hasn’t exactly made much of an impression. And then, in the evening: Chinatown.
It turns into one giant open-air food hall. Neon lights on, pans firing, plastic stools out and food. Lots of food. It almost feels mandatory to capture that sea of neon. The tiny noodle restaurant or rather, stall with a Michelin star is still there. As absurd as it is brilliant. And where you used to see only a few clueless tourists wandering around in elephant pants, you now see Thai people wearing them too. Not just pants full outfits. The old Chinese men in their “daytime pajamas” suddenly have company again. Meanwhile, I’m staying in a wonderfully atmospheric hotel: Shanghai Mansion. A beautifully designed suite, about the size of my apartment for eighty euros. Per night, unfortunately.
Fading Chinatown
Weer een dag met alledaagse dingen. Bangkok zit er vol mee. Oude dingen, moderne dingen, vreemde dingen en soms dingen die gewoon heel, heel cool zijn. En tandartsen hebben ze ook. Snel, zonder afspraak, en voor dertig euro maken ze je gebit weer toonbaar. Ik zat bij Dr. Dentreat. Prima tandarts. Of het een man of vrouw was, is me nog steeds niet helemaal duidelijk, door al het gesproei was het zicht beperkt. Hun sprak geen Engels dus vragen had geen zin. De assistente sprak het wel, maar was voor mij grotendeels onverstaanbaar. Ongetwijfeld heb ik een reeks uitstekende adviezen gemist en negeer ik nu onbewust iets essentieels. We gaan het merken. Voor die tijd maakte ik een wandeling door Talat Noi. Een wijk waar het oude Chinatown nog deels overeind staat. Dat is niet zozeer te danken aan de geschiedenis, maar aan de jeugd, die ziet in verval juist kansen en begint er barretjes, koffietentjes en creatieve hangplekken. Geweldige plekken om te eten, te drinken, te chillen en vooral om op je telefoon te zitten. Fotograferen met zo’n ding mocht overigens bijna nergens. Maar gelukkig heb ik nog zo’n ouderwetse camera van twee kilo. Dat begrijpen ze hier niet altijd, dus een beetje ruimte om toch mijn gang te gaan. Overal duiken ze op: graffiti en murals. Soms grappig, soms rauw, vaak gewoon echt goed. Ik maakte hier een paar jaar geleden al eens een serie, en het niveau is alleen maar hoger geworden. Topkunst, verstopt tussen roest, rommel en renovatie. Opvallend: nog steeds overal beelden van de oude koning. De nieuwe weet het volk duidelijk minder te raken. Hij slaat, om het voorzichtig te zeggen, nog geen deuk in een pakje boter.
En dan ’s avonds: Chinatown. Dat verandert in één grote openlucht vreetschuur. Neonlichten aan, pannen op het vuur, plastic stoeltjes naar buiten en eten. Heel veel eten. Het lijkt bijna een verplichting om die neonzee vast te leggen. Het kleine noedelrestaurantje, of eigenlijk: kraam, met Michelinster is er nog steeds. Even absurd als briljant. En waar je vroeger alleen wat verdwaalde toeristen zag in olifantenbroeken, lopen nu ook de Thai er zelf in rond. Niet alleen broeken, complete outfits. De oude Chinese heren met hun ‘dagpyjama’s’ krijgen zo onverwacht gezelschap. Ik slaap ondertussen in een werkelijk enorm sfeervol hotel: Shanghai Mansion. Een prachtig vormgegeven suite, ongeveer zo groot als mijn appartement voor tachtig euro. Wel per nacht, helaas.