The Lisu of Keson

26-3-2016


Keson, a Lisu village

Ko Clement, de goede man die mijn reis hier regelt heeft de hele boel omgegooid. Ik zie wel waar we uitkomen. Eerst naar de wekelijkse Demosue Market. Een grote markt waar veel mensen uit de omringende plaatsen op af komen. Nog veel originele klederdrachten en een Paduang dames, waarvan er een aantal die hun nekringen door middel van shawls verborgen houden en ik zag er ook verscheidene die hun ringen afgedaan hadden. We spraken een oude dame die dat al twintig jaar geleden gedaan had, ze was toen vijftig en haar nek werd te zwak, ze werd daarna een tijdje, hoe zwart klinkt dat, met de nek aangekeken. Het was een lieve vrouw met een geweldige uitstraling. Zeventig nu maar helder van geest. De mensen hier zijn enorm warm en lachen veel. Ik lach maar terug.

 

En dan mijn dagelijkse ergernis. De Fotograaf met een hoofdletter. Doet zijn bek niet open en had hem met plezier ook echt dichtgetimmerd. De mensen hier zijn objecten die je gerust tien minuten lang kunt fotograferen en dan zonder iets te zeggen doorlopen. Hij laat zijn hulpje vragen de vrouw stil te laten zitten en zijn al even arrogante vriendin houdt mensen op afstand. Het is verdomme een markt hier. Ik had zin om bij de bewuste vrouw haar kraam leeg te kopen en haar vooral te laten lachen. Dat mocht van de fotograaf namelijk niet. En dan had hij ook nog eens veel te veel en veel te moeilijke apparatuur bij zich. Bleek het ook nog een Fransman! Maar goed, hij zal wel betere foto's maken mag ik hopen.


Daarna, hoe handig dezelfde weg terug en via Loikaw de tegenovergestelde richting in. Onderweg veel militaire kampen. Er is hier meer dan vijftig jaar gevochten. Het langstlopende conflict in de wereld. Meestal was het gebied hier in handen van de rebellen maar die hadden onderling ook weer conflicten over wel of niet afsluiten van wapenstilstanden. Mijn gids van vandaag heeft daarbij een van zijn beste vrienden verloren in een gevecht. De boeren hier die jarenlang alleen maar opium verbouwden zijn overgegaan op mais, rijst en bonen. De regering probeert de opiumhandel onder controle gehouden maar de corruptie is wijdverbreid. Dat er nu weinig opiumvelden zijn heeft meer met de lage prijs op de wereldmarkt te maken. Ook hier is de ontbossing desastreus verlopen. Het platbranden van velden en bossen gaat in een hoog tempo door. De mooie oude woudreuzen zijn overigens al erg lang geleden ertussen uitgekapt. De Engelsen waren daar meester in en daarna hebben de Chinezen het helemaal rigoureus aangepakt.


We bezochten een Lisu dorp, ons hoofddoel van vandaag. Het was vrijwel uitgestorven. Het lag een beetje hoog tegen een berg in de brandende zon en ik gaf de bewoners geen ongelijk dat ze vertrokken waren. Maar ze laten altijd een bundeltje oude vrouwtjes achter en daar kan ik dan weer foto's van maken. Nu heb ik al een groot aantal Lisu dorpen bezocht in mijn leven en weet inmiddels van de hoed en de rand en dit was niet het meest interessante dorp wat ik gezien heb. Maar met een beetje keuvelen, theedrinken, van de rijstwijn nippen en een lekkere lunch (op hoop van zegen) oppeuzelen brachten we onze tijd door.


Op de terugweg moest en zou ik naar een waterval gaan kijken ondanks dat ik daar helemaal geen zin in had. Maar het was de grootste attractie van de staat, zei mijn gids. Zoals ik al vreesde kwam het erop neer dat er wat water van rotsen afdonderde met niet eens veel geweld en dat er honderden mensen gezellig zaten te picknicken. Een aantal Chinese toeristen in veel te grote onderbroeken namen een dip en dat zag er niet erg smakelijk uit. Plichtmatig heb ik mijn rondje gelopen en tot grote teleurstelling van mijn gids vertrokken we na tien minuten weer verder op weg naar meer avonturen. Ik heb spannender dagen meegemaakt in mijn nog (jonge) leven.


Omdat de dag nog niet ten einde was hebben we nog een bezoek gebracht aan een nog niet begonnen tempelfestival (het tweede van de dag, alles begint morgen hier) en een pagoda en monnikenverblijf bezocht. Er werd door vijf moeders afscheid genomen van hun kleine jongens die in het klooster gingen. De abbott leidde mij rond en vertelde over de burgeroorlog die hier zoo lang aan de gang is gebleven. Ze waren erg blij met de nieuwe regering en de gesloten wapenstilstand. Hij had hier erg veel gevechten meegemaakt en had daar schoon genoeg van.

 

Geef een reactie