Hou toch op Geert

Shut your mouth Geert Wilders

29-1-2015


Beach with parasol

Geert Wilders denkt dat alles wat gekleurd is bij ons wil komen wonen. Onuitgenodigd vooral. Nu is alles wat deze man aan praatjes verkoopt niet waar, onecht en zwaar overdreven, vind ik. Natuurlijk, er zijn moslim terroristen, natuurlijk er zijn asielzoekers uit noodzaak of met een goede smoes, natuurlijk is ons land behoorlijk vol, natuurlijk zijn er Marokkaanse ettertjes, allemaal waar maar zo dik als Wilders het aanzet is het niet en voorlopig hoeven we voor onze welvaart nog niet te vrezen, meer nog, zonder een gezonde toestroom van nieuwe Nederlanders is er straks niemand meer om onze ouderen te verzorgen of de plantenbakken water te geven.
Gisteren raakte ik aan de praat met een jongedame die op het strand werkt als klusjesvrouw voor toeristen in de haar, nagel en massagebranche. Al eerder deze reis had al twee soortgelijke gesprekken en wil jullie dit niet onthouden. Ze waren zonder uitzondering arm te noemen, kansloos bijna, alle hadden ze studerende kinderen waardoor ze hard moesten werken om dat mogelijk te maken.

 

Deze dame heet Milli, heeft een dochter van vijftien en komt uit Kenia, uit Kisumu aan het Victoria Lake. Je weet wel dat meer waar de Amerikanen ooit rijk van dachten te worden door er de Nijlbaars in uit te zetten die vervolgens alle andere vis opvrat waardoor het nu een grote milieuramp is dat meer. Maar goed, hoe slecht Milli het ook heeft, er is geen haar (prachtig haar ook) op haar hoofd die eraan denkt om naar Europa te verkassen. Ze werkt hier op duizenden kilometers afstand van haar dochter familie in een baantje waar ze een hekel aan heeft. Ga maar eens de heel dag in ander mans en vrouws haar zitten frunniken of zwaarlijvige lijven masseren voor een klein bedrag. Dan zijn de meeste klanten ook nog Italiaan die er bekend om staan om nog al wat eisen te stellen en weinig of geen fooien te geven. Fooien die voor deze vrouwen eigenlijk het hoofdbestanddeel van hun inkomen is. Maar ok, ze doet het werk van december tot eind maart en van augustus tot eind oktober. En steeds kost het haar drie dagen en 300 dollar om een enkeltje naar huis of werk te betalen. Ze klaagt niet, weet dat het leven hier duur is maar lost dat op door gewoon niets duurs te kopen en weinig geld aan eten uit te geven. Ik moest echt niet denken dat het eten wat ik hier at ook bij haar op het bord kwam. Onbetaalbaar. Alles wat overblijft gaat naar haar dochter. Zelf heeft ze zelfs op de universiteit gezeten is computerprogrammeur. Maar veel te jong een kind, trouwen en vervolgens scheiden heeft haar niet het leven gebracht wat bij ons mogelijk zou zijn met zo’n opleiding. Weinig van haar vriendinnen van de school hebben een baan zegt ze. De meesten doen wat zij doet. En dan wordt ze als Keniaanse ook nog lastig gevallen door de immigratiedienst en de politie waardoor er steeds maar weer bedragen toegeschoven moeten worden om te kunnen blijven werken. Ze zit de hele dag op het stoepje van de World Wide Supermarket and Grocery in gezelschap van allerlei gelukzoekers te wachten op klanten voor de door haar en drie anderen gerunde schoonheidssalon of wat daar voor door moet gaan. Ze werken op commissie en een rijke Zanzibar gozer huurt het hok en strijkt het grootste deel van de inkomsten op. Het is te vinden naast de Ikea Store Zambia waar ze rieten tassen verkopen. Maar nogmaals, ze moet er niet aan denken naar Europa te gaan. En haar vriendinnen ook niet en ook die anderen die ik hier in Tanzania sprak ook niet. Op de eerste plaats vinden ze het veel te koud, vinden ze Europeanen en Amerikanen heus niet zo leuk, en vooral, vooral, ze houden vreselijk veel van Afrika. Ze vinden het hier geweldig. Hakuna Matata. Ze zijn alleen jaloers op ons dat wij geen oorlogsdreiging kennen, dat wij in een betrekkelijke rust leven vanuit hun oogpunt. Altijd dat gezeik rond verkiezingstijd, altijd de vrees voor moorden door moslimterroristen is soms een druk. Maar ze was zo negatief over ons leven in Europa dat ik zelfs de neiging kreeg om ons te verdedigen. Kortom, Geert Wilders, ben maar niet bang. Die exodus is nog ver weg.

 

Geef een reactie