Urumqi and Flying Chinese

15-11-2008


Urumqi

Nog anderhalve dag kapot te slaan in Urumqi. Vliegticket geboekt naar Hotan, een oude karavaanplaats. Chinezen die vliegen, het blijft iets aandoenlijks hebben. Hebben ze plannen voor een maanlanding ben ik benieuwd of ze het uitstappen uit de maanraket orderlijk kunnen laten verlopen. Hier op aarde lukt dat helemaal niet. Bij internationale vluchten valt het nog wel mee omdat ze dan blijkbaar voorbeelden zien van mensen die niet voordringen maar binnenlands is het een chaos. Bij het inchecken begint het al want ze springen geregeld van de ene rij midden in de andere en meteen weer terug als hun eerste rij weer sneller gaat. Bij de security controle is het helemaal een puinhoop omdat ze van alles weggeborgen hebben wat niet mag en minstens 14 aanstekers per persoon meedragen. Die moeten allemaal, onder grote discussie, in de afvalbak. Als dan eindelijk iedere zak leeg is gaat het poortje nog steeds te keer. Volgens mij piepen ze in hun onderbroek nog steeds volop. In de rij staan is niet des Chinees maar om de plaats te bezetten die op je instapkaart staat daar hebben ze een bloedhekel aan. Ze gaan gewoon zitten op een plek die hun wel wat lijkt. Diep verontwaardigd kunnen ze zijn als ze geacht worden ergens anders plaats te nemen. Als het eten rondgebracht is overstijgt het gesmak en geslurp voor even het motorlawaai en de militaire marsmuziek die veel te hard uit de luidsprekers schalt. Op een vlucht zat naast mij een jonge moeder met een knots van een babymeisje op haar schoot. Toen moeder hoog nodig moest kreeg ik, zonder enige voorbereiding op wat komen ging, pardoes het kind op mijn schoot gezet. Om er vervolgens achter te komen dat de verkeerde persoon naar het toilet gerend was. Bij dit tafereel stond het halve vliegtuig op om te zien wat die witkop met het kind zou doen. Over opstaan gesproken, du moment dat de wielen van het vliegtuig de grond raken staan ze massaal op. Dat ze vervolgens zowat door het toestel gekatapulteerd worden vinden ze niet erg. Daarna probeert iedereen naar voren te rennen. Diegene die achterin zaten het hardst. Ik heb er eentje, omdat het middenpad hopeloos verstopt zat, over alle stoelen naar voren zien klauteren. De stewardessen hebben de moed al lang geleden opgegeven om het een beetje in de hand te houden. Bij het uitstappen zeggen ze dan ook niet tot ziens tegen je maar een welgemeend Solly.

 

Maar ik was aangekomen in Hotan. Midden in de woestijn.

Geef een reactie