The Ninth Week, Rain in Italy

22-10-1999


Week 9/vrijdag 22 oktober

Casalpusterlengo-Piacenza-Castell'ArquaEto-Pellegrino

Parmense-Solignano-Berceto-Montelungo di Pontremoli-

Villafranca 162 km. Totaal 1566 km.

 

De negende week. regen in Italië

 

Reclameborden; de Italianen lusten er wel pap van. Om ze allemaal te kunnen lezen zou je mogen verwachten dat ze hun snelheid aanpassen. Maar daarvan kan geen sprake zijn. Voor niets en niemand wordt het gaspedaal losgelaten. Of toch wel. Gezien de enorme hoeveelheid volle condooms en lege Viagradoosjes langs de wegen bewijzen ze hun mannelijkheid niet uitsluitend met de rechtervoet. De bijbehorende dames hebben wij nog niet mogen aanschouwen maar daarvoor was het of te mistig, of te vroeg of zondag. En op zondag is die Mamma aan de beurt. Overigens, voor die lezers die het niet durven vragen, boven de 30 kilometer per dag heeft een gezinsverpakking Viagra weinig of geen effect meer. En de angst dat de kuiten nog harder worden voert dan toch echt de boventoon. Voor ons wandelaars zijn er ook aardige reclameborden bij. Zoals de McDonalds aankondigingen. Als raszuivere Big Mac-addicts liep ons het water al in de mond bij "McDonalds Ristorante: 17 minuti", "McDonalds Ristorante 16 minuti" en zo steeds verder aftellend. Heerlijk! Wij liepen exact 45 minuten over iedere junkfood minuut. De volgende dag, bij 6 minuti moesten wij de andere kant op. Zaterdag was wel een beetje feest voor ons. Een halve loopdag! Piacenza was het doel. Geen mist vandaag en een voorspoedige tocht. Onderweg wat gewuifd, wat complimenten opgehaald her en der in cafeetjes en genoten van de langzaam verschijnende contouren van Piacenza. Opletten blijft echter geboden en dat lukt niet altijd. Gelukkig liep ik niet te ver achterop deze keer en kon ik het verkeer een beetje omleiden. Ze had wat schaafwonden hier en daar maar verder was er niets kapot. Piacenza bereikten wij om 13.30 uur. Een fijn hotel en een leuke levendige stad. Genoeg tijd deze keer voor sightseeing. Kerken bij de vleet en ook de terrasjes waren de moeite van het verpozen waard. Een heerlijke maaltijd was de bekroning van een leuke dag. Nog wel een opvallende nieuwe ontwikkeling waargenomen. Een bedelaar in lompen en slechts in het bezit van één hand, wat bij het bedelen gerust driedubbel gehandicapt mag heten, werd tijdens het uitoefenen van zijn nederige taak gebeld op zijn GSM. Ja, de tijd staat niet stil.

 

De zondag. Zoals gezegd die Mamma moet er ook eens uit. Auto's vol rijden alle richtingen op. En die Mamma hoeft vandaag niet te koken en wil eten. De Trattoria en Osteria puilen uit en de wijn vloeit rijkelijk. Wat direct weer een weerslag heeft op het weggedrag. En daar komen weer bloemvazen en kruisjes van. Zit echter die Mamma zelf, of Opoe, achter het stuur dan is het strikt op de witte streep rijden die de zijkant van de weg aangeeft. De witte streep welk het enige wegdeel is die het Ministerio Della Strada Provinciale aan ons wandelaars heeft toebedeeld. Het is regelmatig dringen geblazen. Maar wij laten onze zondag niet verpesten en lopen stevig door, helemaal naar Castell'Arquato. 32 hele kilometers. Over gevaarlijk wegdek. Een klein uurtje lopen wij over een pad en worden wij begeleid door een 90 jarige Tom Conti op de fiets. Hij had een lang leven achter zich en kon daar leuk over verhalen. Jammer genoeg was het gebit al geruime tijd geleden bij eenzelfde fietstocht uit de mond getrild en was de verstaanbaarheid hierdoor niet optimaal. Daar kwam nog bij dat hij in zijn lange leven gewerkt had in de haven van Hamburg, de mijnen van Wallonië en ergens in de textiel in Utrecht. De vergaarde talenkennis bracht hij te pas en te onpas in het gesprek. Maar wij kwamen eruit en het was jammer dat Tom op een gegeven moment in de buurt van zijn stamcafé kwam. Zijn fiets ging vanzelf rechts waar wij links moesten. Voor ons was de weg nog lang en om 18.45 hadden wij tutti caduti voeti.

Castell'Arquato bleek een mooie oude vestingstad met, dat kan geen verrassing meer zijn, een kasteel. Morgen meer bekijken, vandaag hadden wij enkel nog tijd voor wat culinaire verwenningen. Zowaar voorzag Arquato daar in. En hoe!

 

Altijd een cadeautje om de ochtend zonder rugzak te beginnen. Een wandeling door het mooie stadje. Een beetje hoog Uilenburg gehalte (voor de onwetende: overgerestaureerde deel van Den Bosch). Castell'Arquato werd beschreven als een kunstenaarsdorp en dat betekent altijd dat er vrijwel uitsluitend galeriehouders, antiquairs en bric-à-brac winkeliers wonen. Na een uurtje hadden wij al dat moois gezien en was het weer gewoon een wandeldag. Vandaag eindelijk van de drukke verkeerswegen verlost en we leken te vliegen. Berg op, berg af, de paden waren echt en de goede zin kwam helemaal terug. 's-Middags begon het gestaag te regenen maar zelfs dat mocht de pret niet drukken. In Pellegrino waren wij geheel doorweekt, precies voor de deur van Albergo Il Sole.

 

De hele nacht bleef het plenzen maar de ochtend begon droog. Na 10 minuten gelopen te hebben brak de zon door en die zou het grootste deel van de dag bij ons blijven. Wat een genot. Bijna vergeten hoe dat voelde. In een keer was alles weer helemaal Italië. Een lieflijk landschap met mooie kleine dorpjes. 's-Middags een stevige klim en na het mooie Boio weer flink dalen. Het door ons begeerde hotel Diana in Solignano bleek "non functionare piú". Met het platrijden van de naamgeefster was blijkbaar het bestaansrecht ook verdwenen. Geen ander hotel. Gelukkig wel een station en wij krijgen de kolder in onze kop. Trein numero uno van 16.53 gaat (voor ons terug) naar Parma en we stappen in. Een half uur later lopen wij een half donker Parma in. Kleine onvolkomenheid: alle hotels zitten vol vanwege een beurs en wij eindigen, vrij oncomfortabel, in een soort van diepe kast van een annex van een echt hotel. We worden een beetje behandeld als paria's maar dat kan onze pret niet drukken. We lopen bewonderend door het, zelfs in het donker, prachtige Parma en vinden een parel van een restaurantje. We raden het iedereen aan: De Gouden Haan, achter het grote plein.

 

Om half acht al op het station voor de trein terug naar Solignano. Het is koud en nat als wij uitstappen. We lopen somber te soppen. Langs een autoweg die veel te druk is zoeken wij ons een beroerte naar een afslag voor een bergweggetje. De plek van het weggetje zijn wij al lang voorbij maar een spoorlijn en een brede rivier beletten ons naar de andere kant van het dal te geraken. Welgeteld 8 kilometer verder blijkt de afslag te komen. We moeten 8 kilometer terug aan de andere dalzijde voor onze bergweg. Dan maar een andere weg. Meteen klimmen. We zijn geheel in de wolken. Heerlijk. We zien geen hand voor ogen. Vrolijk blijven begint een levenshouding te worden en we vorderen gestaag. We horen de hele tijd de autostrada in de nabijheid en soms zien wij ook een viaduct en zelfs auto's rijden. Fijn dat wij een hoogtemeter hebben en op 850 meter weten wij Berceto. Om kwart over twee houden wij het voor gezien en stappen Hotel Victoria binnen. Een niet meer verwachte beloning voor onze onvermoede moed. Een gezellig hotel, een mooie kamer en een verwarming die het doet. Roberto Begnini in de bediening maakt het helemaal af. We gaan zelfs in de regen nog het dorpje bekijken en genieten van de middeleeuwse straatjes en een wondermooie Duomo uit de 8e tot 10e eeuw. Voor 500 Lire laten wij de hele kerk in het licht baden en worden warm van alle mooie beelden, nisjes, pilaren en gewaden die we zien. Berceto is een stadje voor nog een bezoekje als de wolken wat minder laag hangen. We vergaderen 's-avonds over de te volgen route. Door de bergen verder gaan heeft weinig zin met dit weer. Van hier naar de kust lopen lijkt de meest logische optie. Omlopen, dat wel, maar slechts één pas over. En een mooie bijkomstigheid is dat wij dan de Via de Dio gaan volgen. De zeer oude (vanaf de 6e eeuw) pelgrimsroute van Canterbury naar Rome. De route wordt nu aangegeven als de Via Francigena.

 

Roberto Begnini geeft bij het afscheid Karin wel 4 kussen en, een kluns als ik ben, denk dat hij mij ook wil kussen en geef hem er zelf maar vast een. Dat bleek geheel niet de bedoeling. Als een soort reiniging gaf hij Karin daarop opnieuw 2 kussen.

Berceto in de ochtend. Waar zijn wij mee bezig. We zouden het zo goed kunnen hebben. Lekker met een goed boek voor het raam. Hier is het enige leesvoer de Corriere della Sport met 72 pagina's vóór, tijdens en nabeschouwingen van alle op deze aardkloot gespeelde voetbalwedstrijden. Buiten regent het, correctie stortregent het. Het zicht is verbeterd: de straat heeft inmiddels een overkant, afgelopen nacht rolden onmogelijk harde donderslagen door de bergen rondom ons. In ieder geval voor ons een bewijs dat die bergen er liggen. Gisteren geen berg gezien. Het idiote is dat wij het geheel en al onszelf aandoen. Direct weer de regenbroek aan. Terwijl er heden ten dagen toch geen bus meer is waar een regenbroek echt nodig is. Maar ons Jonkers is streng. Lopen zul je. Het is hondenweer. Maar het enige prettige van hondenweer is dat je geen last hebt van die oneindig domme blaffers die je hinderlijk volgen langs het hek van hun baasje. Bij regenweer zitten deze trommelvliezenverwoesters binnen. De schijtlijsters. Als wij Berceto uitlopen begint het onweer opnieuw. Het voelt onveilig maar schuilen schiet niet op dus

na iedere bliksemflits en bijbehorende donderslag schuilen wij enige seconden om weer door te lopen tot de volgende inslag. Effectiviteit nul. De enigen die genieten vandaag zijn de regenwormen. Ze zuigen zich helemaal vol water en we zagen al exemplaren van meer dan 40 centimeter. In het eerstvolgende dorpje maar weer druipnat een cafeetje in. Maar cappuccino komt je op den duur ook de strot uit. Do as the locals do zou de intellectueel zeggen. Maar the locals

staan hier de godganselijke dag te jeppen aan alcohol en wijn (wijn behoort volgens goed Italiaans gebruik niet tot de alcoholische dranken). Dit soort onchristelijk gedrag vindt die Karin niet goed. Geen alcohol voor la Cena en dat begint pas na half 8. 's-Avonds! Maar drank onchristelijk of liederlijk vinden is natuurlijk typisch calvinistisch. Hier in Italia geeft Hij in Rome zelf vele voorbeelden hoe het volgens ons niet moet. Ik vraag mij af of Hij ooit langs de witte streep loopt en de vele condooms ziet. Of maakt Hij alleen gebruik van gewijde afwerkplekken? Omdat het zicht zo slecht is houden wij ons bezig met de gekalkte kreten op de weg. De Giro d'Italia is hier kortgeleden naar boven gereden en na een uurtje ken ik alle 118 renners van Italiaanse nationaliteit van buiten. Er stond ook een paar keer Forza Mario Cipollini. Nu weet ik wel zoveel van hardfietsen dat dat een beetje een loze kreet is op deze pasweg. Mooie Mario kan nog niet eens tegen een hoge brug opfietsen en wordt in bergetappes steevast door zijn knechten de berg opgeduwd. Maar een eindsprint heeft hij in de benen en Missen kussen kan hij als geen ander.

Aan de andere kant van de Passo della Cisa was het onweer nog niet doorgedrongen. In betrekkelijke rust liepen wij door nu wel heel snel verkleurende bossen naar Montelungo di Pontremoli. Het zicht was beter en het moet hier verschrikkelijk mooi zijn. Op een heldere dag. In Montelungo was een erg oude Albergo Appennino. Keizer Massimiliano had hier in 1494 nog overnacht. Hij was op weg van Pisa naar Duitsland. De waard had de sleutel van de kerk aan de overkant en die was mooi door overdaad. Weer wat heiligen bijgeleerd. De trots van het dorp was een bisschop van een stadje dichtbij Rome die hier in 1901 geboren was. Zijn geboortehuis werd ons omstandig aangewezen. De trots van Sint-Michielsgestel is de familie Groenendaal die al generaties lang net geen wereldkampioen veldrijden wordt.

In Albergo Appennino werd goed gekookt, vooral de pasta Testaroli lieten wij ons goed smaken. Het spul zag eruit als grote stukken varkensvet met zwoerdrandje in een drassig sausje maar ik kan jullie vertellen dat dat bedrog was.

 

Vrijdag alweer. Het einde van de 9e week. Voorzichtig hopen wij op een wat betere dag. Het ziet er zo hoopvol uit als je dat van een donkere herfstdag mag verwachten. Gisteren niet verder gekomen dan een schamele 14 kilometer. Vandaag de zweep er weer over. De afdaling naar Pontremoli is lang en mooi. We zien zelfs de zon ergens ver weg. In Pontremoli de kerken bekeken en door het plaatsje gelopen. Niet slecht. Onze ambitie om vandaag een dikke dertiger te doen is te hoog gegrepen. Zeker als we delen van de Francigena in de route gaan opnemen. Een mooi pad maar bewerkelijk kerkelijk. We willen echt niet alle kerkjes van Italië zien. En vooral niet als ze boven op een berg liggen. Na 25 kilometer zit onze dag erop. Het is 4 uur en het licht gaat bijna uit.

Deze week lag er ergens een oude Nederlandse krant. Een of andere psycholoog had het over wandelen. Mensen moesten meer gaan wandelen. Tot zover was ik het roerend met hem eens. Maar dat hij wandelen een "leerervaring" ging noemen gaat echt te ver. Wandelen is heel simpel. Je zet meerdere malen je ene been voor het andere en dat doe je liefst buiten. Dan wandel je. "Wij zijn aan het leerervaren naar Rome", "Ik leerervoer heerlijk naar Montelungo vandaag". Schei toch uit. Rot toch op. Wij zijn helemaal klaar met wandelen. Vanaf morgen gaan wij wanjelen!

Jean.

 

Zonder Jean liep ik nu waarschijnlijk nog steeds door België te dolen. Maar toch, voor iemand zonder enig gevoel voor richting begon ik er net aardig in te komen. 's Ochtens de zon op mijn linkerwang en aan het einde van de dag op mijn rechter en dan gaan we goed. En dan houdt de zon op met schijnen. Ja, ZO heb ik er GEEN ZIN meer in. Lijkt me ook wel geinig om er zo vlak voor Rome mee op te houden. Maar als het regent, regent 't en als de zon schijnt dan schijnt de zon en alles loopt toch zoals het loopt.

Karin

 

Geef een reactie